fbpx
Direct letselschade aanmelden

76-jarige vrouw kampt met ernstige verwondingen na verkeersongeval

Op 30 oktober omstreeks 13.00 uur is een 76-jarige vrouw ernstig gewond geraakt bij een verkeersongeval op de Steinhagenseweg te Woerden. In het daaropvolgende weekend is de vrouw overleden aan haar verwondingen. De vrouw fietste op de Steinhagenseweg in de richting van Harmelen. Toen zij (vermoedelijk) ter hoogte van de Cattenbroekertunnel linksaf wilde slaan, kwam zij in botsing met een 20-jarige man op een snorscooter die haar inhaalde. Als gevolg van de aanrijding kwamen beide betrokkenen hard ten val. De verwondingen van de vrouw waren dermate ernstig dat zij na het ongeval met een traumahelikopter naar het ziekenhuis is vervoerd. De politie heeft de man aangehouden en onderzoekt momenteel of hem iets te verwijten valt.

Meer lezen

Eenzijdige aanrijding

In de nacht van 23 op 24 oktober zijn twee mannen uit Harskamp ernstig gewond geraakt bij een eenzijdige aanrijding op de Barneveldseweg N301 tussen Nijkerk en Terschuur. De auto kwam op de kant tegen een boom tot stilstand. De mannen kwamen bekneld te zitten en om de mannen snel te kunnen bevrijden heeft de brandweer de auto op vier wielen getrokken. Voor één van de mannen had de brandweer een half uur nodig om hem uit de auto te krijgen. De verkeersspecialisten van de VOA doen onderzoek hoe het eenzijdige ongeval heeft kunnen gebeuren. Vanwege het ernstige letsel kwamen traumahelikopters uit Amsterdam en Volkel ter plaatse. Beide slachtoffers zijn met spoed naar het ziekenhuis gebracht. Eén van de mannen is later aan zijn verwondingen overleden, zo laat de politie weten.

Meer lezen

Ernstig verkeersongeval en affectieschade

Op 31 oktober heeft er een zeer ernstig verkeersongeval plaatsgevonden nabij Veenendaal op de A12 van Utrecht naar Arnhem. Een motorrijder uit Driebergen is hierbij om het leven gekomen. Daarbij is ook een auto over de kop geslagen. Na het ongeval waren er tal van hulpdiensten uitgerukt om te assisteren. De oorzaak van het ongeval is nog niet bekend. De ravage was groot en de plek van het fatale ongeval was tijdelijk met schermen afgezet. Daarnaast waren twee rijstroken op de A12 in de andere rijrichting dicht vanwege sporenonderzoek en het opruimen van brokstukken die op de weg lagen. De politie is op zoek naar getuigen die het ongeval hebben waargenomen en zodoende kunnen verklaren over de toedracht van het ongeval.

Meer lezen

Gerechtshof Den Haag 1 september 2020: duw met ernstig letsel tot gevolg is geen criminele gedraging, beroep op opzetclausule verworpen

In deze zaak draait het om slachtoffer en geïntimeerde die buurtgenoten van elkaar waren. Op 29 augustus 2015 is er tussen hen op het perceel van het slachtoffer een verhitte discussie ontstaan over de vraag of het slachtoffer kort daarvoor de minderjarige zoon van geïntimeerde had geslagen. Geïntimeerde heeft slachtoffer tijdens die discussie met beide handen tegen de schouders geduwd, waardoor slachtoffer plat achterover is gevallen en met haar achterhoofd op een tuintegel is terechtgekomen. Het slachtoffer is met een ernstig hoofdtrauma onmiddellijk opgenomen op de spoedeisende hulp. Zij is onder meer acht dagen kunstmatig in coma gehouden en heeft een maandenlang revalidatietraject doorlopen. Slachtoffer heeft geïntimeerde aangesproken tot schadevergoeding. De rechtbank heeft geïntimeerde veroordeeld tot een betaling aan slachtoffer van € 93.724,14. Geïntimeerde heeft een aansprakelijkheidsverzekering bij Aegon en heeft gevorderd dat Aegon al hetgeen waartoe geïntimeerde in de hoofdzaak mocht worden veroordeeld aan hem betaalt. Aegon heeft dekking voor eventuele aansprakelijkheid geweigerd en heeft daartoe een beroep gedaan op de opzetclausule.

De rechtbank heeft de vordering tegen Aegon toegewezen. Het hof neemt tot uitgangspunt wat de Hoge Raad in zijn arrest van 13 april 2018 heeft overwogen. De vraag of een opzettelijke gedraging van een verzekerde gericht is op het doen ontstaan van letsel, moet naar objectieve maatstaven worden beoordeeld aan de hand van de aard van de gedraging in het licht van de omstandigheden waaronder deze is verricht. Hierbij bestaat ruimte om de opzetclausule zodanig toe te passen dat redelijke en maatschappelijke aanvaardbare resultaten worden bereikt.

In het forensisch geneeskundig onderzoek (het NFI-rapport) wordt vermeld dat bij lichamelijk onderzoek naar de aanwezigheid van letsels bloeduitstortingen zijn aangetroffen op de rechter- en de linkerschouder van slachtoffer. Op basis van het beschikbare materiaal kan niet worden vastgelegd op deze zijn opgelopen door krachtig duwen. De rechtbank heeft aangenomen dat het ging om een ‘droge duw’, zonder risicoverhogende factoren en dat niet kan worden uitgesloten dat de blauwe plekken op de schouders het gevolg zijn geweest van de medische behandelingen nadien. Het hof acht dit oordeel juist. Het optreden van geïntimeerde kan dan ook niet worden gekarakteriseerd als een criminele gedraging die erop gericht was om slachtoffer uit evenwicht te brengen en om te duwen. Naar het oordeel van het hof kan het letsel door zijn ernst naar objectieve maatstaven niet als een te verwachten normaal gevolg van de duw door geïntimeerde worden aangemerkt. Bij het geven van een duw moet uiteraard rekening gehouden worden met letsel ingeval de geduwde persoon ten val komt, maar daaronder valt niet het zeer ernstige letsel dat slachtoffer heeft opgelopen. Het beroep door Aegon op de opzetclausule dient te worden verworpen.

Hof: Causaal verband tussen klachten en ongeval dient te worden onderbouwd met deskundigenrapport wanneer er sprake is van een lage Delta v

In deze zaak staat de vraag centraal of er causaal verband bestaat tussen whiplashachtige klachten en een verkeersongeval waarbij een lage Delta v bestaat. Appellant is in 2001 slachtoffer geworden van een verkeersongeval waarbij hij zittend achter het stuur aangereden is door de wederpartij. Op het door beide bestuurders ondertekende aanrijdingsformulier is aangegeven dat er lichte schade is bij één van de auto’s en dat beide auto’s met ongeveer 30 km per uur reden. Daarnaast is aangegeven dat er sprake is van letsel aan de rug bij appellant.

Door beide partijen is vervolgens in gezamenlijk overleg een gecombineerd orthopedisch en neurologisch onderzoek verricht, waaruit geconcludeerd werd dat de door appellant aangegeven beperkingen aannemelijk zijn op grond van de aanwezigheid van een postwhiplashsyndroom als gevolg van het ongeval. Hierbij is uitgegaan van de situatie dat appellante stilstond en van achteren is aangereden met 30 km per uur. Hierbij Op basis van het rapport is door de rechter in eerste aanleg causaal verband aangenomen tussen de aanhoudende klachten van appellante en het verkeersongeval.

Er wordt hoger beroep ingesteld waarbij het geschil tussen partijen over het causaal verband volledig aan het hof wordt voorgelegd. Van belang is dat de stelplicht en bewijslast ten aanzien van het causaal verband rust op appellant. Het bewijs van het causaal verband tussen de gezondheidsklachten en het ongeval zal veelal geleverd zijn indien vast komt te staan dat de benadeelde voorafgaand aan het ongeval deze gezondheidsklachten niet had, de gezondheidsklachten op zich door het ongeval veroorzaakt kunnen worden en een alternatieve verklaring voor de gezondheidsklachten ontbreekt.

Het hof overweegt dat het deskundigenrapport steun biedt voor de stelling dat sprake is van causaal verband, maar de verzekeraar levert fundamentele kritiek op het deskundigenrapport. Volgens de verzekeraar zijn de deskundigen uitgegaan van een onjuist ongevalstoedracht. Zij zijn namelijk uitgegaan van situatie dat appellante stilstond en met 30 km per uur is achterop aangereden, terwijl op het aanrijdingsformulier vermeld is dat beide partijen ongeveer 30 km per uur reden. De geweldsinwerking is hierdoor verschillend. Doordat de deskundigen geen antwoord hebben gegeven op de vraag of er medisch gezien dezelfde klachten en beperkingen hadden kunnen zijn bij een andere toedracht (beide partijen rijden 30 km per uur), staat het causaal verband tussen de klachten en het ongeval niet vast.

Het hof stelt vast dat uitgegaan moet worden van de situatie dat beide partijen 30 km per uur hebben gereden waardoor er een geringe geweldsinwerking is geweest (tussen de 5 á 10 km per uur) en dus een lage Delta v. Daarvoor oordeelt het hof dat voorop staat dat een geringe Delta v op zichzelf niet per definitie in de weg staat aan het aannemen van causaal verband tussen de pijnklachten en het ongeval, maar wel een omstandigheid is die in aanmerking moet worden genomen bij het antwoord op de vraag of sprake is van causaal verband. Op basis van studies wordt aangenomen dat sprake is van een correlatie tussen het risico op whiplash en de Delta v, dat bij achteropaanrijdingen het risico op langdurige klachten sterk toeneemt boven een Delta v van meer dan 15 km/uur. Het hof concludeert dat ondanks een lage Delta v het ongeval toch de klachten kan hebben veroorzaakt, maar onderbouwd dient te worden met een deugdelijk deskundigen rapport, waarin wordt aangenomen dat sprake is van een lage Delta v maar waaruit volgt dat ook dan sprake is van causaal verband tussen het ongeval en de klachten van de betrokkene.

1 2 3 4